Later is te laat: waarom psychiaters vandaag in actie moeten komen voor patiënt en klimaat
Achtergrond Klimaatverandering is een actueel probleem, waarbij de gevolgen steeds meer in Europa merkbaar zijn. Met name de jongere generaties zullen met de consequenties van klimaatverandering te maken krijgen. Daarbij zijn er ook gevolgen voor de mentale gezondheid, die relevant zijn voor psychiaters.
Doel Uiteenzetten hoe klimaatverandering tot mentale gezondheidsproblemen leidt en wat psychiaters kunnen doen.
Methode Overzicht op grond van een recente Europese position paper over de gevolgen van klimaatveranderingen voor de mentale gezondheid en recente literatuur.
Resultaten Klimaatverandering leidt tot mentale gezondheidsproblemen op meerdere niveaus: door directe gevolgen van rampen (traumatisering), maar ook door effecten van hitte op psychische gezondheid en nadelige gevolgen voor sociale en maatschappelijke determinanten van psychische gezondheid. Deze effecten zijn waarschijnlijk het grootst in niet-westerse landen, waar relatief het minste onderzoek wordt gedaan naar dit onderwerp. Daarnaast zijn er mentale klachten door toename van klimaatangst, vooral onder jongeren.
Conclusie We roepen de psychiatrie als vakgebied op om interdisciplinair kennis te vergroten en te delen, en acties uit te zetten zodat de ggz voorbereid is op de gevolgen van klimaatverandering. Acties zijn nodig en mogelijk op het niveau van de directe patiëntenzorg (bijvoorbeeld voorbereiden op hittegolven), op het niveau van terugdringen van verdere klimaatverandering (vergroening van zorg), en door het beïnvloeden van het publieke debat.
Wat is het probleem?
Klimaatverandering is steeds minder een probleem van de verre toekomst of van elders op de wereld. Problemen door klimaatverandering spelen nu, hier in Nederland en België, en zijn steeds zichtbaarder. Menselijke activiteiten, en vooral de uitstoot van broeikasgassen, hebben ervoor gezorgd dat de wereldgemiddelde temperatuur sinds 1900, toen er nog nauwelijks industrie was, met 1,2°C is gestegen.1 In Nederland werd het sinds die periode 2,3°C warmer, bijna twee keer zoveel als het wereldgemiddelde.2 In 2023 kende Nederland het natste en warmste jaar ooit gemeten.2 Een recent rapport over de staat van het Europese klimaat laat zien dat 2023 (samen met 2020) zelfs het warmste jaar was in heel Europa ooit gemeten.3 Bovendien was de gemiddelde temperatuur van het zeewater in Europa het hoogste ooit. Het rapport schetst een somber beeld, want samen met recordtemperaturen, had 2023 ook het hoogste aantal dagen met extreme hittestress (een ‘gevoelstemperatuur’ van meer dan 46°C) in Europa. Daarnaast woedde de grootste bosbrand ooit en waren de rivierafvoeren in december nog nooit zo groot. Gletsjers in de Alpen verloren in 2022 en 2023 ongeveer 10% van hun volume. In 2023 werden in Europa 1,6 miljoen mensen getroffen door overstromingen, 550.000 mensen door stormen en 36.000 door bosbranden.
Hoe de toekomst eruit zal zien, hangt af van de keuzes die nu gemaakt worden. Afhankelijk van de hoeveelheid broeikasgassen die nog zal worden uitgestoten, zal in Nederland de gemiddelde temperatuur tot 2100 met nog eens 1 tot 4°C gaan stijgen.2 De verschillen tussen de temperaturen die de huidige en toekomstige generaties gaan ervaren, zijn groot en hangen sterk af van wereldwijd klimaatbeleid (figuur 1).
Figuur 1. Gemeten jaargemiddelde temperatuur in Nederland (De Bilt) en toekomstverwachting onder een hoog en laag uitstootscenario van CO2 (www.knmi.nl/klimaatscenarios23-toolkit)

Niet alleen wordt het warmer, de toekomst zal ook extremer zijn. Thiery e.a. concluderen dat jonge generaties ernstig bedreigd worden door klimaatverandering.4 Zij schatten in dat, onder de huidige beloften op het gebied van het klimaatbeleid, kinderen geboren in 2020 wereldwijd 2 tot 7 keer meer extreme weerssituaties zullen ervaren vergeleken met mensen geboren in 1960, met name door hittegolven. Voor Europa geldt dat kinderen die in 2020 zijn geboren 24 keer zoveel hittegolven zullen ervaren als zonder klimaatverandering (figuur 2). Ook zullen ze ruim 3 keer zoveel hittegolven meemaken als een 50-jarige.
Figuur 2. Toename van ervaren extreme weerssituaties door klimaatverandering voor een 4-jarige (links) en een 50-jarige Europeaan (rechts)* (https://myclimatefuture.info/nl)


*In een opwarmingsscenario onder de huidige beloften over klimaatbeleid t.o.v. een scenario zonder klimaatverandering.
Waarom moeten psychiaters hier wat mee?
Het probleem is duidelijk, maar wat moeten psychiaters in Nederland en België hiermee? Om antwoord te geven op deze vraag hebben we gebruikgemaakt van diverse bronnen. Een recente Europese position paper geeft een breed overzicht van de gevolgen van klimaatveranderingen voor de mentale gezondheid en doet concrete aanbevelingen.5 Daarnaast hebben we recente, passende artikelen gezocht in PubMed (zoektermen ‘mental health’ en ‘climate change’), aangevuld met artikelen die we reeds kenden.
Klimaatverandering heeft belangrijke gevolgen voor de gezondheid, waarbij ontwikkelingslanden relatief meer nadelige gevolgen ondervinden dan rijkere landen. Extreme hitte, extreem weer (bijvoorbeeld met droogte of bosbranden tot gevolg), klimaatgevoelige infectieziekten, voedselonzekerheid en migratiestromen (bijvoorbeeld door stijgende zeespiegel) zijn voorbeelden van de impact van een veranderend klimaat op de gezondheid.6 Ook in Nederland en België zijn de gevolgen van klimaatverandering op gezondheid reeds merkbaar (zie www.rivm.nl/publicaties/gezondheidseffecten-van-klimaatverandering-actualisatie-van-huidige-klimaatrisicos-voor-gezondheid; en https://klimaat.be/doc/summarypolicymakers-nl.pdf). Minder bekend is de relatie tussen klimaatverandering en de mentale gezondheid. Hierbij kunnen we twee problemen onderscheiden. Allereerst zijn er de directe gevolgen van klimaatverandering voor de mentale gezondheid, zoals stress als gevolg van extreem hoge temperaturen. Ten tweede zijn er ook indirecte gevolgen van klimaatverandering voor de mentale gezondheid, zoals de toenemende mate van klimaatangst onder jongeren. Beide vormen zullen we in dit artikel bespreken.
Directe gevolgen
In de afgelopen jaren hebben verschillende studies duidelijk gemaakt wat de directe impact is van klimaatverandering op de mentale gezondheid. Verhoogde temperaturen, hittegolven en verhoogde variabiliteit in temperaturen zijn geassocieerd met een toename in ziekenhuisopnames voor psychiatrische aandoeningen, suïcidaal gedrag en suïcide. Hierbij lijkt met name de afwijking in temperatuur ten opzichte van het lokale gemiddelde, meer dan de absolute temperatuur, van invloed te zijn.7 Dit is geen probleem dat zich beperkt tot landen met reeds een warm klimaat. Een onderzoek in Brussel liet zien dat extreem hoge temperaturen verband hielden met een tweemaal hoger cumulatief risico op suïcide.8 Daarnaast is al langer bekend dat het aantal aanmeldingen op de spoedeisende hulp voor psychische problemen toeneemt op warmere dagen, waarbij sprake is van een dosis-responsrelatie. Suïcidaliteit, maar ook agitatie door delier bij dementie of psychotische ontregeling, alsmede verhoogd risico op intoxicaties met problematisch middelengebruik spelen hierbij een rol.7
Verschillende mechanismen kunnen een rol spelen bij de directe effecten van klimaatverandering op de mentale gezondheid. Zo kunnen fysiologische thermoregulatoire mechanismen van het lichaam psychische symptomen (bijvoorbeeld vermoeidheid of prikkelbaarheid) verergeren bij extreme temperaturen. Hitte kan tevens de ionkanalen in het centrale zenuwstelsel beïnvloeden, met directe gevolgen voor de neurotransmissie.9
Er is relatief veel onderzoek gedaan naar de traumatische gevolgen van noodsituaties (bijv. overstromingen en bosbranden) en de gevolgen van de impact van klimaatverandering op sociale en maatschappelijke determinanten van psychische gezondheid (bijv. verlies van huis, voedselzekerheid en toegang tot onderwijs). Veel minder is bekend over gevolgen van geleidelijke, chronische klimaatverandering, waarbij met name kwalitatieve studies aantonen dat deze gevolgen er wel degelijk zijn.10,11 Agressie wordt al tientallen jaren in verband gebracht met hogere temperaturen, waarbij toename van agressie in de context van klimaatverandering verder wordt versterkt door onder andere ecomigratie, conflicten en trauma.12 Ten slotte is het belangrijk te noemen dat ook toename van infectieziekten door klimaatverandering kan leiden tot toename van psychische klachten. Dit kan het gevolg zijn van directe aantasting van het centrale zenuwstelsel door de infectie, maar ook door de psychische gevolgen van bijvoorbeeld isolatie.9
Een belangrijke beperking van deze onderzoeken is dat de grote meerderheid ervan is uitgevoerd in rijke westerse landen, terwijl die relatief weinig hinder ondervinden van de gevolgen van klimaatverandering. Zo blijven de mentale gevolgen van bijvoorbeeld migratie door stijgende zeespiegel en voedselonzekerheid relatief onderbelicht. Een uitzondering hierop is een review en meta-analyse waarin men een verband vond tussen suïcidale ideaties en voedselonzekerheid.13
Indirecte gevolgen
Klimaatangst wordt als een indirect gevolg beschouwd van klimaatverandering. Maar wat is klimaatangst eigenlijk? De American Psychological Association spreekt over ‘a chronic fear of environmental doom’.14 Van Valkengoed e.a. (2023)15 hebben recent een werkdefinitie opgesteld: klimaatangst bestaat uit persisterende angst en zorgen over klimaatverandering, die moeilijk in de hand te houden zijn en die gepaard gaan met emotionele, cognitieve, fysiologische en gedragsmatige indicatoren.15 Consensus over de definitie van het begrip klimaatangst is er echter niet. Klimaatangst kan lichte stressklachten veroorzaken, maar is ook geassocieerd met ernstiger beelden zoals depressie en angststoornissen. Deze klachten worden in het bijzonder ervaren door jongeren, die de grootste last van de klimaatcrisis dragen. Er zijn correlaties tussen klimaatangst en factoren zoals media-aandacht voor klimaat, connectie en identificatie met de natuur.15,16
Het klimaatprobleem is complex en er is ook geen kant-en-klare oplossing beschikbaar. Vanuit deze optiek veroorzaken klimaatgerelateerde klachten chronische stress die, net zoals bij andere chronische stressoren, de kans vergroot op het ontstaan van psychiatrische aandoeningen. De jongere generaties zullen het meeste last hebben van de klimaatverandering.
In een recente studie werden 10.000 jongeren van 16-25 jaar uit 10 verschillende landen middels een uitgebreide vragenlijst onderzocht. De vragenlijst werd opgesteld door 11 experts met uiteenlopende expertise, onder andere vanuit de psychologie en psychiatrie. Ruim een kwart (27%) van de ondervraagde jongeren was extreem bezorgd en nog eens 32% was zeer bezorgd. Slechts 5% gaf aan zich geen zorgen te maken. De zorgen waren groter bij respondenten uit armere landen en landen die meer waren getroffen door klimaatverandering. Bijna de helft (45%) van de jongeren gaf aan dat klimaatangst op enige wijze impact had op het functioneren.
Jongeren werd ook gevraagd te reageren op bepaalde stellingen; daarbij gaf meer dan 75% aan de toekomst beangstigend te vinden en zo’n 55% gaf aan dat de mensheid ‘gedoemd’ was. Uit stellingen over het handelen van de overheid gaf een meerderheid aan dat ze het gevoel hadden niet serieus genomen te worden, dat overheden niet te vertrouwen zijn en dat er verraad gepleegd wordt jegens toekomstige generaties.
Uit deze resultaten komt een beeld naar voren van emotionele nood door klimaatverandering onder jongeren met sterke negatieve verwachtingen over hun toekomst. De auteurs beschrijven klimaatangst niet per se als disfunctioneel: er is literatuur dat lichtere vormen van klimaatangst kunnen leiden tot adaptief gedrag.17,18 Echter, bij frequentere en ernstigere klachten van klimaatangst neemt dit adaptieve gedrag ook weer af, ook wel ‘ecoparalyse’ genoemd.19,20 Er lijkt dus sprake van een precaire balans. Tot slot ervaren de jongeren een grote kloof met oudere generaties door wie zij zich onvoldoende gehoord en gesteund voelen. Het is aannemelijk dat zulke emoties en gedachten kunnen leiden tot een toename van psychiatrische problemen.21
Wat kunnen we doen?
Het klimaatprobleem is complex en immens en hierdoor voelen veel mensen zich machteloos. Het is belangrijk om te weten dat we als psychiaters veel kunnen doen op meerdere niveaus. We bespreken een aantal praktische mogelijkheden. Naast de genoemde handvatten zijn er uiteraard nog meer mogelijkheden voor psychiaters om invloed te kunnen uitoefenen op de langere termijn, bijvoorbeeld door het doen van wetenschappelijk onderzoek naar de kennishiaten wat betreft klimaatverandering en mentale gezondheid, zoals eerder in dit artikel besproken.
Directe patiëntenzorg voorbereiden op klimaatverandering
Allereerst is het belangrijk aandacht te besteden aan zaken die direct met de psychiatrische zorg te maken hebben, zoals klimaatangst, en mentale gezondheidsproblemen in relatie tot klimaatrampen. We kunnen als psychiaters samenwerken met klimaatwetenschappers om kennis te ontwikkelen en te delen, en ons voor te bereiden op de gevolgen van klimaatverandering. Onderdeel hiervan is dat we nadenken hoe we de psychiatrische zorg zo goed mogelijk kunnen klaarmaken voor toenemende hitte en overstromingen; ook moeten we ons voorbereiden op vluchtelingenstromen doordat elders de aarde onbewoonbaarder wordt. Hierbij is het essentieel om kwetsbare groepen te bereiken, zoals mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA).
Daarnaast moeten we bestaande kennis over effecten van hitte vergroten en delen. Zo is uit onderzoek bekend dat stijging van de omgevingstemperatuur kan leiden tot meer mentale gezondheidsproblemen en meer opnames in psychiatrische ziekenhuizen.5,22 Maar wat effecten zijn van hitte op werking en bijwerkingen van medicijnen, is nog grotendeels onbekend.16
Ten slotte moeten we ons realiseren dat niet alleen extreme weersomstandigheden, zoals overstromingen en bosbranden, leiden tot mentale (traumagerelateerde) klachten, maar dat ook geleidelijke veranderingen in het klimaat kunnen leiden tot ernstige psychische gevolgen. Een voorbeeld hiervan is de toename van suïcides bij verhoging van de omgevingstemperatuur.7
Daarnaast rijst de vraag: in hoeverre is klimaatangst een zaak voor de geestelijke gezondheidszorg? Er worden in crosssectionele studies matige tot sterke associaties gezien tussen klimaatangst en depressieve en angstklachten, maar gedegen prospectieve studies zijn er niet gedaan.16,23 Bovendien zijn er op dit moment geen goed onderzochte behandelopties voor klimaatangst. Mogelijk kunnen interventies op groepsniveau, zoals lesprogramma’s binnen scholen, worden ingezet.23 Als behandelaren patiënten met klimaatangst in de spreekkamer krijgen, is het belangrijk hen te valideren en serieus te nemen. Bepaalde behandelingen voor angst, zoals cognitieve gedragstherapieën, zullen minder voor de hand liggen omdat de angstige gedachten een realistische component hebben. Een betere optie is om een therapie te kiezen die gericht is op coping, zoals mindfulness of acceptance and commitment therapy (ACT).15
Bewustwording van intergenerationele verschillen is hierbij noodzakelijk. In discussies over het klimaat botsen generaties soms, en staan jongeren (die de meeste gevolgen van klimaatverandering dragen) tegenover oudere generaties (die vaker de beslissingen nemen, maar in hun leven minder last gaan hebben van de gevolgen). Ageism (discriminatie op grond van iemands leeftijd) kan in de weg staan van het bereiken van oplossingen die voor toekomstige generaties van levensbelang zijn. Het is essentieel om elkaars standpunten te begrijpen en te streven naar intergenerationele compassie.24
Tegengaan van verdere klimaatverandering
Ten tweede kunnen we als beroepsgroep veel maatregelen nemen voor een kleinere voetafdruk, waarmee we zorgen dat klimaatopwarming niet verder toeneemt. Werknemers kunnen bijvoorbeeld de voetafdruk van de eigen organisatie, instelling of ziekenhuis monitoren, analyseren welke activiteiten de grootste klimaatimpact hebben en vragen (of zelfs eisen) stellen aan de organisatie over doelen betreffende groene zorg. Een eerder artikel in het Tijdschrift voor Psychiatrie gaf hiervoor al concrete adviezen25 en ook de ‘Handreiking voor een groenere psychiatrie’ van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie biedt veel praktische informatie (zie https://www.psychiatrie.nl/kennisbank/handreiking-groene-psychiatrie/). Naast de acties vanuit instellingen denken we ook aan individuele acties als zorgmedewerker, zoals het verminderen van reisbewegingen voor patiënten, verantwoord medicatiegebruik en beperken van onnodig afval. Een belangrijk voordeel is dat veel dingen die op kleine, individuele schaal goed zijn voor de planeet, ook goed zijn voor onze eigen gezondheid. Denk aan volwaardig plantaardig eten,26 een wandeling maken met een patiënt in plaats van een gesprek in de spreekkamer en de fiets nemen naar het werk in plaats van de auto.
Beïnvloeden van publiek debat
Ten slotte zijn psychiaters in een uitstekende positie om zich te laten horen in het publieke debat. Dit kan door naar buiten te treden en in het publieke domein te discussiëren via sociale media, artikelen, presentaties, opiniestukken, acties, petities of het organiseren van dialogen. Denk ook aan het meenemen van gevolgen van klimaatverandering voor de mentale gezondheid in het geven van onderwijs en bij het doen van wetenschappelijk onderzoek. Actief zijn in een werkgroep kan ook een zinvolle manier zijn om een bijdrage te leveren, denk aan een Green Team (veel ziekenhuizen en ggz-instellingen hebben inmiddels Green Teams), groepen vanuit de beroepsvereniging (Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie of de Federatie Medisch Specialisten), internationaal bij de Climate Psychiatry Alliance (www.climatepsychiatry.org), of bij Extinction Rebellion Zorgprofessionals (https://extinctionrebellion.nl/community/zorgprofessionals/) (XR).
Conclusie
Klimaatverandering is een globaal probleem dat psychiaters aangaat, ook in het Nederland en Vlaanderen van de toekomst. Voor een veerkrachtige samenleving is het nodig dat we niet alleen adaptief en adequaat reageren op de psychische gevolgen van klimaatverandering, maar ook proactief bijdragen aan een gezonde leefomgeving waar mensen gezond kunnen opgroeien, zich kunnen ontwikkelen, en op een prettige manier oud kunnen worden. Psychiaters kunnen een cruciale rol spelen in het leefbaar houden van onze planeet voor toekomstige generaties.
Literatuur
1 IPCC. AR6 Synthesis Report: Climate Change 2023. /www.ipcc.ch/report/sixth-assessment-report-cycle/
2 KNMI. Jaar 2023. www.knmi.nl/nederland-nu/klimatologie/maand-en-seizoensoverzichten/2023/jaar
3 European State of the Climate 2023 | Copernicus. https://climate.copernicus.eu/esotc/2023
4 Thiery W, Lange S, Rogelj J, e.a. Intergenerational inequities in exposure to climate extremes. Science 2021; 374: 158-60.
5 Brandt L, Adorjan K, Catthoor K, e.a. Climate change and mental health: Position paper of the European Psychiatric Association. Eur Psychiatry 2024; 67: e41.
6 Romanello M, McGushin A, Napoli CD, e.a. The 2021 report of the Lancet Countdown on health and climate change: code red for a healthy future. Lancet 2021; 398: 1619-62.
7 Thompson R, Lawrance EL, Roberts LF, e.a. Ambient temperature and mental health: a systematic review and meta-analysis. Lancet Planet Health 2023; 7: e580-9.
8 Casas L, Cox B, Nemery B, e.a. High temperatures trigger suicide mortality in Brussels, Belgium: A case-crossover study (2002-2011). Environ Res 2022; 207: 112159.
9 Sisodiya SM, Gulcebi MI, Fortunato F, e.a. Climate change and disorders of the nervous system. Lancet Neurol 2024; 23: 636-48.
10 Crandon TJ, Dey C, Scott JG, e.a. The clinical implications of climate change for mental health. Nat Hum Behav 2022; 6: 1474-81.
11 Burrows K, Denckla CA, Hahn J, e.a. A systematic review of the effects of chronic, slow-onset climate change on mental health. Nat Mental Health 2024; 2: 228-43.
12 Miles-Novelo A, Anderson CA. Climate change and psychology: effects of rapid global warming on violence and aggression. Curr Clim Change Rep 2019; 1(5): 36-46.
13 Kaggwa MM, Akatussasira R, Al-Mamun F, e.a. The global burden of suicidal behavior among people experiencing food insecurity: A systematic review and meta-analysis. J Affect Disord 2023; 342: 91-120.
14 Clayton S, Manning CM, Speiser M, e.a. Mental health and our changing climate: impacts, inequities, responses. Washington: American Psychological Association, and ecoAmerica; 2021. ecoAmerica. https://ecoamerica.org/mental-health-and-our-changing-climate-2021-edition/
15 Valkengoed AM van, Steg L, de Jonge P. Climate anxiety: a research agenda inspired by emotion research. Emot Rev 2023; 15: 258-62.
16 Clayton S, Karazsia BT. Development and validation of a measure of climate change anxiety. J Environ Psychol 2020; 69: 101434.
17 Sangervo J, Jylhä KM, Pihkala P. Climate anxiety: Conceptual considerations, and connections with climate hope and action. Glob Environ Change 2022; 76: 102569.
18 Luykx JJ, Vinkers CH, Tijdink JK. Bestaat er zoiets als eco-angst? Ned Tijdschr Geneeskd 2023; 167: D7410.
19 Heeren A, Mouguiama-Daouda C, Contreras A. On climate anxiety and the threat it may pose to daily life functioning and adaptation: a study among European and African French-speaking participants. Clim Change 2022; 173(1): 1-17.
20 Albrecht G. Chronic environmental change: emerging ‘psychoterratic’ syndromes. In: Weissbecker I, red. Climate change and human well-being. Global challenges and opportunities. New York: Springer; 2011. P. 43-56.
21 Hickman C, Marks E, Pihkala P, e.a. Climate anxiety in children and young people and their beliefs about government responses to climate change: a global survey. Lancet Planet Health 2021; 5: e863-73.
22 Liu J, Varghese BM, Hansen A, e.a. Is there an association between hot weather and poor mental health outcomes? A systematic review and meta-analysis. Environ Int 2021; 153: 106533.
23 Heeren A, Asmundson GJG. Understanding climate anxiety: What decision-makers, health care providers, and the mental health community need to know to promote adaptative coping. J Anxiety Disord 2023; 93: 102654.
24 Roy S, Ayalon L. ‘They did not know what they were doing’: climate change and intergenerational compassion. Gerontologist 2024; 64: gnad063.
25 Luykx JJ, Tijdink JK, Krudop WA. Wat kunnen ggz-professionals doen om duurzaamheid te stimuleren? Tijdschr Psychiatr 2022; 64: 340-3.
26 Willett W, Rockström J, Loken B, e.a. Food in the Anthropocene: the EAT-Lancet Commission on healthy diets from sustainable food systems. Lancet 2019; 393: 447-92.
Auteurs
Daphne Everaerd, (ouderen)psychiater, afd. Psychiatrie, Radboudumc Nijmegen.
Paul Lagerweij, aios psychiatrie, afd. Psychiatrie, Radboudumc Nijmegen.
Lisette Klok, klimaatwetenschapper, Climate Adaptation Services.
Janneke Zinkstok, (kinder- en jeugd)psychiater, afd. Psychiatrie, Radboudumc Nijmegen; Karakter Kinder- en Jeugdpsychiatrie, Nijmegen.
Correspondentie
Daphne Everaerd (daphne.everaerd@radboudumc.nl).
Geen strijdige belangen gemeld.
Het artikel werd voor publicatie geaccepteerd op 10-9-2024.
Citeren
Tijdschr Psychiatr. 2025;67(2):129-133